Lootsch (of Luutsch ?)

Uit Wikipedia:

Het Oost-Vlaams wordt gesproken rond de steden Beveren, Deinze, Eeklo, Gent, Hulst, Lokeren, Oudenaarde, Sint-Niklaas, Wetteren en Zottegem.
De dialectverschillen in de provincie Oost-Vlaanderen zijn voornamelijk in oost-west-richting georiënteerd, zodat dus de belangrijkste dialectgrenzen in de provincie hoofdzakelijk van noord naar zuid lopen. Het Oost-Vlaams dialectgebied kan ingedeeld worden in een drietal grote zones.

  • Het “echte Oost-Vlaams” beslaat iets meer dan de westelijk helft van de provincie, met daarin onder meer de steden Eeklo, Deinze, Oudenaarde, Zottegem, de omgeving van Gent en de Nederlandse plaats Sas van Gent. Dit gebied maakte vroeger deel uit van hetzelfde dialectgebied als het Frans- en West-Vlaams, en vertoont dan ook nog veel gemeenschappelijke kenmerken met deze dialecten. Anderzijds kent ook dit gebied al meerdere Brabantse kenmerken, waardoor het zich onderscheidt van de westelijke Vlaamse dialecten. Binnen dit gebied vormen het Gents en Ronses twee dialecteilanden, met nog een aantal eigen kenmerken. Het taalverschil tussen stad en platteland weerspiegelt het grote sociologische verschil.
  • In het Waasland, in het noordoosten van de provincie, met plaatsen als Sint-Niklaas en Lokeren, en een randje over de grens met Nederland (op het grondgebied van de gemeente Hulst), bekleedt het dialect een tussenpositie tussen de Vlaamse dialecten (van het oude Graafschap Vlaanderen) en de Brabantse dialecten van Antwerpen. De Schelde vormde echter tot in de 20ste eeuw een belangrijke barrière voor de verdere westwaartse verbrabantsing van de Wase dialecten. Pas recenter is er enige verantwerpsing op gang gekomen in het oosten van het Waasland.
  • In de Denderstreek, in het zuidoosten van de provincie, met de steden Ninove en Geraardsbergen is er een sterk Brabantse invloed. Deze regio ligt op amper 25 km van Brussel, zonder natuurlijke hindernissen, en werd dan ook al vroeg verbrabantst. Enkel in het noorden van dit gebied, tussen Aalst en Dendermonde, is de Dender wat breder, en vormt hij een natuurlijk westgrens van enkele Brabantse kenmerken.

Naast de drie kerngebieden zijn er ook twee grote overgangszones. In het westen is er een overgangsgebied tussen het West- en Oost-Vlaams. In deze zone ligt onder meer Maldegem, en dit gebied bestrijkt ook het zuidoosten van de provincie West-Vlaanderen, met de streek rond het West-Vlaamse Waregem en Avelgem. In de oostelijke helft van Oost-Vlaanderen is er een overgangszone tussen het “echte” Oost-Vlaamse kerngebied en de oostelijke, verbrabantste dialecten.
Het Hulsters spreekt men in de Nederlandse plaats Hulst en haar directe omgeving, ofwel het grootste deel van de gemeente Hulst. Evenals het Waaslands vertoont het sterke Brabantse invloed. Voor het overige is het nóg minder typisch voor het Oost-Vlaams.

Externe bronnen

Print Friendly

Reacties zijn uitgeschakeld.